Movie time

American History X, Schindlers list, One flew over a cuckoo’s nest (voor de wat ouderen onder ons), maar ook ook Titanic; je kent ze denk ik wel – de ‘Great Drama Movies’.  Misschien heb je tijdens de feestdagen nog wel lekker voor de buis gehangen om een goede film te kijken. Wat valt jou dan op? Zie jij ook dat het drama een vaste structuur kent? Ik neem je even mee:

One Fine Day: maybe everything isn’t perfect, but we’re doing okay. Op een mooie dag: het leven is niet perfect, maar we mogen niet klagen

The Challenge…out of nowhere comes a problem we can’t ignore. De uitdaging: opeens staan we voor een uitdaging waar we niet omheen kunnen

Descending Crisis: as we grapple with the problem, things go from bad to worse until we hit Rock Bottom. Crisis: het probleem wordt van kwaad tot erger en we raken diep in de put

The Worst: we lie there awaiting the end. All hope is lost. Het kan niet erger: alle hoop is verloren en passief wachten we op een eind aan deze tragedie

The Discovery: wait a minute, what’s this.? We suddenly see a way out. De ontdekking: het verhelderende moment – we zien opeens een uitweg

The Rise: through abilities we never knew we had, we fight our way back to the surface. De ‘wederopstanding’: we zien mogelijkheden die we niet eerder hebben gezien en we vechten ons een weg terug

The Return: we don’t just make it home, we burst through into a whole new world of possibility. De terugkeer: we komen niet alleen terug op ons beginpunt, we breken een hele nieuwe wereld open voor onszelf

The Lesson: we come away with a new gift that we’ll never forget. De les: we ontvangen een levensles die we nooit meer zullen vergeten

Maar hoe komt het toch dat we nu net die films zo mooi vinden die deze (Hollywood) structuur volgen. Is dat het ritme wat gevolgd wordt en dat we dat ritme zo goed herkennen? Is dat omdat we verlangen naar dit ritme of juist niet? Is het omdat we er middenin zitten;ons nog wanen in ‘die mooie dag’ of op het punt staan de levensles te ontdekken ? Om vervolgens  te beseffen dat dit hele circus ook weer opnieuw zal beginnen, en daarna nog een keer; anders dan wel, maar wel volgens hetzelfde ritme en eenzelfde structuur.

Voor mijzelf zoiets als: begin, leef, geniet, berust, roep op, denk, verzet, weiger, herinner, doe, zet door, zoek, verbeeld, reis, kijk, vecht, inspireer, kies, verlies, verander, win, heb lief, speel, geniet, laat zijn, vier!. Vieren, door terug te blikken en door met een dankbaar inzicht vooruit te kijken met de wetenschap dat ik aan een nieuwe cyclus mag beginnen.

Of hoe Ramses Shaffy het eigenlijk mooi samenvat: bid – vecht – huil – zing – lach – werk – en bewonder – en  dan nog een keer…

Dus wat ga ik weer tegenkomen dit nieuwe jaar? Het liefst een “Great drama”; ik hou van goede films. Omdat er lessen in besloten liggen die ik graag ervaar en daarna ook toepas. Ik word graag geinspireerd. Daarnaast wil ik jou oproepen: “Hoe gaat jouw jaar eruit zien?” Maak er een mooie film van!

Mieke

Luister het lied van Ramses hier: https://www.youtube.com/watch?v=O8VVDqAasKk

En kijk ook ook eens op de website http://www.doublehealix.com/services-2/movielearning/

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

‘Dat’ Kind

Aan alle ouders en aan allen die geen ouder zijn; eigenlijk aan iedereen. Het kost even tijd, en aandacht, maar deze brief is niet zomaar een brief.

Beste ouder,

Ik weet het. Je bent bezorgd. Elke dag komt jouw kind thuis met een verhaal over ‘dat’ kind. ‘Dat’ kind dat altijd schopt, duwt, knijpt en krabt en dat zelfs andere kinderen bijt. ‘Dat’ kind dat altijd mijn hand vasthoudt in de gang. ‘Dat’ kind dat op een of andere manier anders is dan andere kinderen en dat liever op een stoel zit, dan op de grond. Het kind dat weg werd gehaald bij de blokken, omdat ‘ie niet begreep dat blokken niet bestaan om mee te gooien. Het kind dat over het speeltuinhek klimt, terwijl ik zei dat het niet mocht. ‘Dat’ kind dat de melk van z’n klasgenoot omgooide in een opwelling van woede. Expres. Terwijl ik toekeek. En wanneer ik ‘m vroeg om het op te ruimen, gebruikte hij de hele keukenrol. Expres. Terwijl ik toekeek. Ook gebruikte ze het F-woord tijdens gym.

Je bent bezorgd dat ‘dat’ kind jouw eigen kind van zijn werk afhoudt. Je bent bezorgd over het feit dat hij de boel aan het verstoren is en dat jouw kind daarom niet genoeg aandacht krijgt. Je bent bezorgd dat ze op een dag echt iemand pijn gaat doen. Je bent bezorgd over het feit dat die ‘iemand’ jouw kind is. Je bent bezorgd dat jouw kind straks ook agressie gebruikt als ‘ie iets wil. Je maakt je zorgen dat je kind een leerachterstand creëert, omdat ik niet doorheb dat ‘ie z’n pen verkeerd vasthoudt. Ik weet het.

Jouw kind, dit jaar, in deze klas, op deze leeftijd is niet ‘dat’ kind. Jouw kind is niet perfect, maar ze doet wat er gevraagd wordt. Hij deelt graag zijn speelgoed. Zij gooit niet met stoelen. Hij steekt gewoon z’n hand op als ‘ie iets wil vragen. Ze werkt wanneer er gewerkt moet worden en speelt wanneer er gespeeld moet worden. Hij kan rustig naar het toilet gaan en terugkomen zonder capriolen. Zij denkt dat het S-woord ‘super’ betekent en het K-woord ‘kansloos’. Ik weet het.

Ik weet het, ik ben ook bezorgd. Weet je wat het is, ik maak me continu zorgen. Ik ben bezorgd om ALLE kinderen. Ik maak me zorgen om zijn pengreep, om haar uitspraak, om het feit dat ‘ie verlegen is en om die ene lunchtrommel die constant leeg is. Ik denk aan Gavin’s jas die nu echt niet warm genoeg is en aan Talitha’s vader die schreeuwt om het feit dat ze de letter ‘b’ als een ‘d’ heeft geschreven. Vooral in de auto op weg naar huis denk ik aan deze momenten.

Maar goed, ik weet het, je wil graag met me praten over ‘dat’ kind. Ik wil ook over ‘dat’ kind praten, echt, maar er zijn zoveel dingen die ik niet kan zeggen. Ik kan bijvoorbeeld niet vertellen dat ze is geadopteerd met 18 maanden uit een weeshuis. Ik kan niet praten over het feit dat ‘ie op voedselallergieën wordt getest en dat ‘ie daarom continu honger heeft, omdat ‘ie bijna niets mag eten. Ik kan ook niets zeggen over dat zijn ouders in een vechtscheiding zitten en dat ze op dit moment bij haar oma woont. Daarbij mag ik ook niets vertellen over haar oma. Die drinkt namelijk. Ik mag je niets vertellen over zijn astma-medicijnen waar hij akelig en geïrriteerd door raakt.

Ik mag niets zeggen over het feit dat haar moeder er alleen voor staat en dat haar dochter dus altijd te vroeg wordt gebracht en te laat wordt opgehaald. En dat van school naar huis rijden, zo’n 40 minuten duurt. En dat haar dochter daarom een tekort aan slaap heeft. Ook kan ik niet praten over het huiselijk geweld dat zich thuis afspeelt. Het is oké, zei je. Je begrijpt dat ik geen persoonlijke informatie mag delen. Je wil alleen maar weten wat ik aan het gedrag van ‘dat’ kind doe. Ik zou het je graag willen vertellen, maar dat kan ik niet.

Ik kan je niet vertellen over het feit dat ze hulp krijgt bij het spreken en dat een opdracht uitwees dat ze een spraakachterstand heeft. De therapeut heeft het idee dat haar agressie voortkomt uit het feit dat ze gefrustreerd is omdat ze zich niet goed kan uiten. Ik kan je ook niet vertellen dat ik ELKE week met zijn ouders afspreek en dat sowieso een van de ouders altijd huilt tijdens deze besprekingen. Ik praat ook niet over het feit dat ‘dat’ kind en ik een geheim handsignaal hebben, dat wordt ingezet als ze zich even terug wil trekken. Ik mag je ook niets zeggen over het feit dat ‘ie opgekruld op m’n schoot wil liggen, want ‘ik word rustig van uw hartslag, juf’. Ik kan niets vertellen over haar agressieve buien die ik nauwlettend in de gaten hou en het feit dat ze van 5 uitbarstingen per dag naar 5 per week is gegaan. Ook kan ik niets zeggen over het secretariaat dat achter me staat en helpt wanneer ‘dat’ kind toe is aan verandering en steun.

Ik kan niets kwijt over toen ik opstond tijdens een vergadering, met tranen in m’n ogen, en mijn collega’s smeekte of ze ook aandacht aan haar willen besteden en aardig tegen haar willen doen, zelfs wanneer ze gefrustreerd zijn over het feit dat ze wéér iemand geslagen heeft. Onder de neus van een meester. Het is gewoon zo dat er zoveel dingen zijn die ik niet kan vertellen over ‘dat’ kind. Ik kan niet eens de goede dingen aan je kwijt. Ik kan niets vertellen over dat het zijn taak is om de planten water te geven en dat ‘ie in huilen uitbarstte toen een van de planten doodging. Ik kan je niets zeggen over dat ze elke ochtend haar babyzusje een kus geeft en dan fluistert ‘Jij bent mijn zonneschijn’, waarna haar moeder de buggy verder duwt. Ik kan je niets vertellen over het feit dat hij meer van onweer weet dan de meeste meteorologen.

Ik kan niets zeggen over dat ze altijd wil helpen met het punten slijpen. Ook zeg ik niets over dat ze een hand door het haar van haar beste vriendin haalt in de pauze. Ik kan niets kwijt over zijn klasgenoot die huilt en dat hij dan komt aangesneld met zijn lievelingsknuffel. Weet je wat het is lieve ouders, ik kan alleen dingen tegen je zeggen over jullie kind. Dus wat ik je wel kan zeggen, is dit: als jouw kind ooit ‘dat’ kind wordt, beloof ik dat ik deze privé-informatie nooit deel met andere ouders. Ik zal op regelmatige basis met je blijven praten, duidelijk en vriendelijk. Ik zorg dat er tissues klaarstaan en dat, als je het toelaat, ik je hand pak als het nodig is.

Ik zal me hardmaken voor de beste hulp en begeleiding en ik zal samenwerken met de juiste aangewezen professionele mensen. Ik zal ervoor zorgen dat je kind extra liefde krijgt, wanneer hij of zij dat nodig blijkt te hebben. Ik zal namens jouw kind spreken hier op school. Ik zal steeds, wat er ook gebeurt, zoeken naar de goeie, leuke en speciale eigenschappen die jouw kind bezit. Ik zal hem en jou eraan herinneren dat ‘ie inderdaad speciaal is, steeds weer. En wanneer een andere ouder naar me toekomt met vraagtekens over jouw kind, dan zal ik dit hele verhaal herhalen. Steeds weer.

Met vriendelijke groet,
 De lerares

Gelezen? Confronterend hé?

En als je het nu nog een tweede keer leest en dan ‘dat kind’ vervangt door ‘die persoon’, vanuit welke rol jij ook vervult op dat moment: collega, vriend, zus, burger, mens…

Confronterend hé!

En zou het je lukken om zo te blijven kijken; niet als voornemen voor 2015, maar gewoon omdat je het snapt. Niemand is vrij van vooroordelen maar kunnen we proberen wat meer bescheiden en mild te zijn? Leren verder te kijken dan, en begrip te hebben voor de situatie die zich aan ons voordoet op een moment? Al was het alleen maar omdat je zomaar zelf ‘dat kind’ bent (geweest) of had kunnen zijn?

Mieke

Geschreven door een Canadese lerares, vertaald door een onbekende, gevonden op het world wide web. http://missnightmutters.com/2014/11/dear-parent-about-that-kid.html

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Herfstbrief II

Lieve Buuf,

“Wat denk jij?”, zo eindigde je jouw verhaal over je gedachten over het verschil tussen loslaten of laten zijn.

Sindsdien speel ik met jouw vraag. En natuurlijk kom ik, nog meer dan anders, nu overal dat woord ‘loslaten’ tegen. Een search op het web levert alleen al 822.000 hits. Zelf gebruik ik dit woord ook en ik vermoed vaker dan ik zelf in de gaten heb. En met mij velen anderen, iedere dag en op tal van plekken.

Ik neem mij voor om vanaf nu wat voorzichtiger te zijn met het gebruik van het woord. Na mijn verkenningstocht de afgelopen weken heb ik intussen de idee dat dit woord te pas en te onpas gebruikt wordt. Loslaten is een soort van stopwoord geworden. Vooral dit laatste heeft mij doen inzien dat dit ook kwetsend kan zijn en daar lijken we ons amper van bewust. Kijk, in de intentie is het woord ‘loslaten’ goed bedoeld. We beogen er iets positiefs mee. We hebben geleerd, we hebben ons ontwikkeld, we zijn gegroeid; tijd om het oude los te laten en ruimte te creëren voor het nieuwe. Zo kunnen we verder met ons leven…

Een tweede reden om alerter met het woord om te willen gaan heeft te maken met mijn indruk dat er druk ligt op ‘loslaten’. Goed hoor dat proces wat je doormaakt, maar tot op een bepaald moment, want per slot van rekening moet je toch verder met je werk, je leven, je omgeving. Met alles. Laat het dus los, dan leg je iets af, stop je iets en kun je door. Dat is wat de omgeving van je wil. Je hoeft het alleen zelf ook nog maar te willen…

Terugkomend op jouw vraag: loslaten versus laten zijn. Wat mij dan intrigeert is de vraag of het onderwerp los gelaten moet worden of het proces dat dit onderwerp veroorzaakt. Of andersom; dat je het onderwerp kunt laten zijn (bestaan) en het proces net zo goed. Naar mijn idee heeft loslaten vaak te maken met iets waar we vanaf willen en dat zit dan vaak vastgeklonken aan wat we als moeilijkere emoties ervaren: angst, verdriet, boosheid. Dat kan zowel om het onderwerp zelf gaan als om het proces dat dit onderwerp veroorzaakt. Pratend met een andere vriendin hierover viel het woord rouwen.

Zou het zo kunnen zijn dat we niet zo goed in staat zijn a) om zelf te rouwen en b) ook niet om de rouw van iemand anders aan te zien? Dat dat het is waar we dus omheen draaien en liever zien, niet alleen voor onszelf maar ook voor de ander, dat zowel het onderwerp  als het proces zo langzamerhand eens losgelaten wordt.

Ik moet hierbij ook denken aan het automatisme van ontmoetingen. Hoe vaak gebeurt het niet dat wanneer jij iemand ontmoet je als vanzelf vraagt: “Ha, alles goed?”, je daar het antwoord: “Ja, prima”, op krijgt (ook bijna als vanzelf) en jij hier genoegen mee neemt? “Hoe is het met je”,  is al meer open, maar ook dan krijg je vaak vanzelf het antwoord: “Goed”, en neem je ook hier genoegen mee. Hoe zit dat? Waarnaar vragen we nu precies, wat willen we weten van de ander of – heel pijnlijk – juist niet?

“How are you?”, is the most asked question. “I am fine”, is the most told lie…

En zo laten we in het midden, want veiliger, wat we vragen en antwoorden aan elkaar. Vooral niet hoeven te vertellen of te luisteren naar de lastige onderwerpen die een  rouwproces vaak betreft. Rouw om bijvoorbeeld: wat of wie je bent verloren, wat je niet hebt gekregen en wel recht op had, dat je jouw plek niet mag innemen, dat wat definitief voorbij is, onvervuld verlangen, het afgewezen zijn, dat je geen onvoorwaardelijke liefde kent, niet weten wat je volgende stap kan zijn.

De lijst is vanzelfsprekend veel langer en natuurlijk ook alleen door onszelf in te vullen. En natuurlijk gaat het altijd om dieperliggende onderwerpen dan wat we in werkelijkheid (laten) zien. Zoals we weleens zeggen; ik zou willen dat mijn been gebroken was. Dat is tenminste zichtbaar en zichtbaar te genezen.

Dus: is het omdat we ons eigen proces of dat van de ander niet goed aankunnen dan maar beter om los te laten? Omdat die andere van de vier basis-emoties – (weer) blij zijn – zoveel prettiger is om zelf te voelen of bij de ander te zien? Aan al het andere kun je toch weinig meer  veranderen, dus door met dat leven…

Of is het net zo goed mogelijk om verder te gaan, hand in hand met het rouwen en dat dit ook opnieuw mag en steeds weer.

‘Grief has no distance. Grief comes in waves, paroxysms, sudden apprehensions that weaken the knees and blind the eyes and obliterate the dailiness of life’.

                                                                                      Joan Didion: The year of magical thinking

Omdat we allemaal ons eigen proces te volgen hebben en hier geen tijd voor is bepaald hebben we volgens mij – zeker als buitenstaander – niet echt veel te kunnen of te willen; ‘het’ gebeurt. En misschien is het geven van erkenning, troost en respect wel veel behulpzamer om stappen voorwaarts te kunnen zetten dan het steeds maar bezig zijn met het moeten loslaten.

Mieke

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Herfstbrief

Lieve Mieke,

We hebben elkaar al veel te lang niet gesproken en opeens gaat de tijd zo hard. De bomen verkleuren in de meest prachtige schakeringen en  bladeren vallen op de grond. De natuur laat los. Laat los van het oude om in alle rust, de winter, ruimte te maken voor het nieuwe. Tenminste, dat is de betekenis die veel mensen geven aan het fenomeen; de herfst. Loslaten.

De herfst is voor mij een tijd van reflectie. Van tijd voor mezelf. Van met een flinke pot thee op de bank en mezelf toestaan om uren voor me uit te staren en veel de revue te laten passeren. Thuis of bewust op een plek waar ik me lekker voel. Plekken om van de laatste zonnestralen te genieten en de herfst te verwelkomen. Kan zomaar overal zijn.

Lange wandelingen door het bos om mijn gedachten te laten dwarrelen zoals de bladeren een paar weken later ook naar beneden zullen dwarrelen. Uitwaaien aan zee om mijn ideeën te laten golven; te laten komen en gaan als het getij van het water. Maar loslaten….

Waar komt die kreet toch vandaan? Hoe komt het toch dat we alles maar moeten loslaten tegenwoordig. “Laat het los, laat het gaan – het is niet (meer) van jou”, zijn woorden die ook ik regelmatig te horen krijg van mijn omgeving, op trainingen; kan zomaar van iedereen zijn.

Maar wil ik wel loslaten? Past loslaten wel bij mij? Ben ik niet veel gelukkiger met het fenomeen – het er laten zijn? Hetgeen wat er is koesteren? Dankbaar zijn wat het voor mij heeft betekend? Mij gesterkt voelen omdat het mij heeft gevormd tot wie ik nu ben? Inspiratie halen uit mijn ook niet leuke ervaringen voor mijn toekomstige stappen? Hoe kan ik iets wat mij gemaakt heeft loslaten?

Ik sprak hierover met een lieve vriend die een jaar geleden zijn vrouw plotseling heeft verloren.  Die magische grens van een jaar. De vier seizoenen zijn voorbij. Dan wordt het tijd om door te gaan; je leven weer op te pakken en los te laten… Maar kun je zo een groot verdriet loslaten? Kun je zomaar over zo een gemis heenstappen en doorgaan? Nee! Dat kan dus niet, want zonder dat verdriet en dat gemis – zonder dat gat in zijn leven – zou hij nu niet de persoon zijn die hij nu is, zou hij niet de inzichten hebben die hij nu heeft, de kracht voelen die hij nu nodig heeft voor zijn kids, de kwetsbaarheid kunnen tonen die hij nu heeft ontmoet in zichzelf. Waarom dit moois loslaten? Waarom niet een mooie schatkamer creëren in ons hoofd, in ons hart om al deze ervaringen, emoties, herinneringen en momenten een plek te geven en ze gewoon te laten zijn. Dan kunnen we ook nog zo af en toe de deur weer opendoen en nog eens teruggrijpen naar de bibliotheek van ons eigen leven en de lessen erbij pakken die we er hopelijk van geleerd hebben.

Ik zeg; laat het loslaten los en laat het zijn! Wat denk jij?

Mooie herfst!

Je buuf xxx

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Bemoediging

“De mens lijdt dikwijls het meest om het lijden dat hij vreest”.

De eerste zin uit het gedicht “Bemoediging”. Van wie het is, is niet bekend. Zelf heb ik lang gedacht dat het van Erich Fromm was, maar een nieuwe speurtocht door zijn boeken en het web leveren geen resultaat. Het maakt ook niet uit. Het is een wondermooie zin die ik al jaren met mij meedraag en die mij ondersteunt op cruciale momenten. En als ik hem even kwijt ben dan is er altijd wel iemand die mij helpt herinneren…

Deze zomer was dat mijn overbuurman. Het is zaterdagmiddag  dat we elkaar tegen het lijf lopen in de stad. Mijn man en zoon zijn net vertrokken naar hun cursusweek parapenten in de Franse Alpen. Een cadeau van vrienden, voor de 60ste verjaardag van mijn man, die de wens had deze opleiding samen met onze zoon te willen beleven. Ik loop onthand rond. Niet omdat zij die dag samen op pad waren gegaan (doen & vaker!), maar de week bleek niet zonder risico’s. Pas vlak voor vertrek kreeg ik door dat ze helemaal niet aan een instructeur hangend hun eerste vluchten zouden uitvoeren, maar dat solo leren vliegen hun bedoeling was.

Parrallel aan hun toenemende enthousiasme en opwinding over hun ‘allereerste keer’, schoten bij mij mijn hoofd, hart en lichaam in de stress. Gedrie lijden ze op voorhand. En flink. Het lukt me niet mijn geregeld helpende zinsnede op te diepen. De avond voor vertrek stromen mijn tranen. Of ze…en of ze ook …en ook nog graag….. En ja, natuurlijk zijn ze voorzichtig , bij twijfel niet springen en elke dag na landing beloven ze van zich te laten horen.

Afijn, ik loop dus mijn mijn overbuurman tegen het lijf terwijl hij met een kennis van hem aan het tafeltje zit. Toevallig een voormalig parapenter met 15 jaar instructeurs ervaring! Het gebeurt mij wel vaker dat ik de juiste mensen ontmoet op het juiste moment. Een vriend noemt dit k’nexxen (afgeleid van het spel K’nex): dingen, mensen, zaken, gedachten of emoties komen bij elkaar, worden met elkaar verbonden juist op het moment dat het onderwerp speelt in je leven. Direct denk ik dat ik door hem werkelijk gerustgesteld kan  worden. En dus stel ik mijn vraag. Mijn enige bleek achteraf, want  hij had een verhaal…

En wat voor verhaal. De kalmte die ik de avond ervoor, na de tranen en een goed  gesprek, weer enigszins had teruggevonden was plotsklaps weer verdwenen.  Mijn angst over alles! wat zou kunnen gebeuren en ik net dacht te doorzien en tot te behappen proporties had kunnen terugbrengen, was terug. ‘Het’ was iemand anders ook overkomen en de verteller was erbij geweest. Nou lekker, daar zit ik dan, als een soort zombie te luisteren naar een verhaal dat steeds uitgebreider wordt en ik niet eens meer wil  horen. Weg hier – flits het door mijn hoofd; dit is het verhaal van een ander, is niet mijn verhaal en ik moet hier nú weg. Maar van opstaan en weglopen was geen sprake . Vastgenageld, vastgeketend aan een stoel van lijden, lijd ik door.

Tot mijn overbuurman mijn zelfkwelling ziet en het verhaal onderbreekt; “Miek, hey, je trekt helemaal wit weg, zo ken ik je niet”. Half beduusd kijk ik naar hem op: “Uhh…ja…ja, jak zeg, weet ik veel, ik weet het ook even niet…”.. Echter, in plaats van mij te troosten en het verhaal weg te poetsen doet hij iets anders. Hij schudt me liefdevol wakker, laat me voelen waar ik op dat moment mee bezig ben en geeft me het zetje om zelf mijn zelfkwelling te stoppen. Dat betekent inderdaad wegwezen hier; genoeg is genoeg en dat mag. Maar niet zonder nog eens drie opmerkingen in mijn zak; mijn buurman zijn waarneming over risico’s nemen, zijn ideeën over het lef om de onzekerheden van het leven aan te kijken en “Ja maar Miek, je hebt toch zelf ook net een mótor gekocht?!”

Inmiddels thuis, hoor ik een uurtje later mijn overbuurman mijn naam roepen. “Wijntje?”  Liefdevolle nazorg van een bijzonder man die je laat beseffen dat motorrijden hetzelfde is als parapenten in de bergen. Dat dit leven heet. En dat onzekerheden daarbij horen.

Bemoediging, vanuit onszelf of van een ander, en realiteitszin hebben we allemaal nodig als ruggensteun om ons eigen proces te kunnen volbrengen. De uitnodiging voor een goed glas wijn heb ik afgeslagen. Eerst dat telefoontje uit de Alpen en dan vervolgens zelf wat herkauwen. Vooral dat zelf…

Nu leid ik mijzelf weer en straks zal ik vast ook wel weer eens lijden.  Ik wil wel K’nexxen.

Parapenten tekst 2 -Marcel

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

De Herberg

Voor velen is de vakantie al lang geleden uitgestippeld. Anderen laten het liever op het laatste moment aankomen. Hoe dan ook – waarheen en wanneer is een vraag die ons in vele opzichten constant bezig houdt.
Zo niet dagelijks. Maar de zomermaanden zijn anders. Andere plekken, nieuwe culturen of de oude vertrouwde camping in Zeeland. Ieder zijn reis. En zo hoort het ook!

Ik wens iedereen die van plan is de koffers te pakken unieke campings, markante hotelletjes, bijzondere B&B’s, luisterrijke herbergen en bovenal een mooie zomer toe.

De Herberg

Dit mens-zijn is een soort herberg;

elke ochtend weer nieuw bezoek.

Een vreugde, een depressie, een benauwdheid,

een flits van inzicht komt,

als een onverwachte gast.

Verwelkom ze, ontvang ze allemaal gastvrij!

Zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt,

die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat.

Behandel dan toch elke gast met eerbied.

Misschien komt hij de boel ontruimen,

om plaats te maken voor extase…

De donkere gedachte, schaamte, het venijn,

Ontmoet ze bij de voordeur met een brede grijns

en vraag ze om erbij te komen zitten.

Wees blij met iedereen die langskomt.

De hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd,

om jou als raadgever te dienen,

[Rumi]

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Kunst met een grote K!

Kunst met een grote K!

Eind 2010 kwam Mieke op mijn pad tijdens een leiderschapstraject in Tanzania voor het management van AMREF Flying Doctors en VvAA. VvAA is een organisatie van en voor zorgprofessionals. Een ledenorganisatie en dienstverlener die opereert in het hart van de gezondheidszorg, in dienst van ruim 113.000 medici, paramedici, studenten en zorginstellingen. VvAA biedt onder andere fiscaal en juridisch advies, accountancy, verzekeringen, bancaire diensten, rechtsbijstand, financiële planning, praktijkfinanciering en opleidingen.

Mieke begeleidde samen met twee collega’s dit programma en het groepsproces en was voorafgaand, tijdens en na deze bijzondere reis de persoonlijke coach van een aantal managers van beide organisaties.

Mieke heeft, hoewel zij niet mijn coach was, ook voor mij een belangrijke stempel gedrukt op deze projectweek. Op een veilige en respectvolle manier gaf zij tijdens de groepsbijeenkomsten deelnemers feedback; waardevolle cadeautjes met een mooie strik erom. Alleen al door een simpele vraag te stellen kon ze je liefdevol op het podium zetten. Dan voelde ze haarfijn aan dat een groepslid op een specifiek moment van toegevoegde waarde was voor het hele groepsproces en dat het dan nodig was dat die persoon dat zelf ook inzag. “En jij dan…?” vroeg ze dan. En zei dus eigenlijk op een eenvoudige manier dat dit het moment was dat die persoon iets had te doen. Door de toon achter de woorden voelde je je ook uitgenodigd om vervolgens dat podium te pakken. Het beeld dat mij van Mieke bijbleef  is een doorleefde blijheid: ik zeg voluit ja tegen het leven, ook al is het soms zwaar ‘k’.

Na deze week in Tanzania heb ik contact gehouden met Mieke . Ik leer van haar dat leven een soort kunst is (life is a big canvas and you should throw all the paint on it you can ;).  De kunst om van zware dingen iets moois te maken en niet omdat het zo hoort of beter is voor je, maar vanuit een (kinderlijk) verlangen en nieuwsgierigheid.  Hoe ze dit doet, laat zich niet goed beschrijven. Ik ervaar het als een leerproces vanuit verbinding tussen haar en mij. Haar openheid en humor inspireren en motiveren mij anders naar mezelf te kijken, met speelsheid om te gaan met nare dingen en vooral het lef te hebben kwetsbaar te zijn.

Deze ervaring wil ik niet voor mijzelf houden, maar gun ik anderen net zoveel. Dit is dan ook de reden dat ik Mieke gevraagd heb om haar unieke kijk op het leven in te zetten voor VvAA . Ook hier is haar grote K zeer welkom…

Annemarie Smilde

Mr Annemarie Smilde was tot 1 januar1 2014 lid van het managementteam van VvAA Rechtsbijstand. En is nu binnen VvAA Rechtsbijstand verantwoordelijk voor het opleidingsbeleid, kennismanagement, reputatie en innovatie. Als senior gezondheidsrechtjurist schrijft ze artikelen, onder meer in Arts en Auto, adviseert zij onder meer beroepsorganisaties in de zorg en geeft presentaties aan leden en organisaties in de gezondheidszorg.

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Hoe belangrijk is ethiek?

Ethiek in het werk

Sinds kort ben ik lid van ‘De Ethische Kring’. Dit is een groep van ervaren, gekwalificeerde coaches, trainers, therapeuten en adviseurs, die gezamenlijk afspraken heeft gemaakt over de uitgangspunten van ethiek. Op basis van deze uitgangspunten zijn een aantal spelregels geformuleerd. Deze afspraken en spelregels zorgen ervoor dat de kwaliteit van de aangesloten leden gewaarborgd blijft.

Definitie van ethiek

 ~ de ethiek zelfst.naamw. (v.) Uitspraak:   [eˈtik] vakgebied van de filosofie dat zich bezighoudt met wat goed en slecht is.

 Het was de grote filosoof Aristoteles die als eerste de ethiek introduceerde in de westerse wijsbegeerte door zijn beroemde ‘Ethica Nicomachea’. Dit zeer omvangrijke werk van tien delen oefent tot op de dag van vandaag een diepgaande en blijvende invloed uit op de ethische regels die wij hanteren, de zogenaamde ‘deugdenethiek’. Niet alleen binnen de coachingswereld maar ook op diverse andere vakgebieden binnen onze samenleving, waaronder wetgeving en politieke besluitvorming.

De Ethische Kring hanteert de volgende vijf uitgangspunten:

  • Autonomie: ieder mens is in staat het eigen bestaan vorm te geven in relatie tot anderen en zijn omgeving;
  • Heelheid:
ieder mens is in staat om te herstellen en zich te ontwikkelen;
  • Identiteit:
ieder mens is in staat om zichzelf te zijn in wisselende tijden en wisselende omstandigheden;
  • Integratie:
ieder mens is in staat zijn persoonlijke groei vorm te geven in het leven van alledag;
  • Spiritualiteit: ieder mens is in staat zijn eigen betekenis te ervaren en vorm te geven in een groter geheel.

Het toepassen van de ethische regels moet altijd duidelijk aanwezig zijn binnen het coachingstraject. De coach moet zich bewust zijn van zijn/haar positie ten opzichte van de cliënt en, indien van toepassing, van de opdrachtgever. De coach moet zich keer op keer kunnen verantwoorden, kunnen uitleggen, waarom hij/zij op een bepaalde wijze heeft gehandeld.  Als dit voor één van de partijen onduidelijk is, dan kan de Ethische kring bij elkaar komen om de situatie te beoordelen en tot een juiste afweging te komen.

Nu hebben alle coaches hun eigen manier van werken. Ook de achtergronden van waaruit al deze coaches werken, variëren. Al deze verschillen leiden tot grote voordelen. Voor iedereen is een geschikte coach te vinden.
Maar er zijn ook nadelen: hoe vindt u de juiste coach en hoe weet u dat de kwaliteit gewaarborgd is bij iemand die aan de slag gaat met u?

Dit zijn nu juist de redenen dat ik mijzelf bij deze groep heb aangesloten. Ik vind het belangrijk om kritisch naar mijzelf te (blijven / laten) kijken.  Ik vind het belangrijk dat ik kan sparren met collega coaches om mijn eigen vragen en dilemma’s uit te werken. En ja, ik ben ook maar een mens. Ik wil mijn cliënten een mogelijkheid bieden zich ergens te melden als ze een klacht over mij hebben en mijn ervaring is dat de Ethische kring een zuivere, pittige en diepgaande club mensen is waarvoor iedereen gelijk is en dus ook gelijk behandeld zullen worden.

Om binnen de ethiek te blijven: ik denk dat ik er goed aan gedaan heb om lid te worden van ‘De Ethische Kring’, maar mocht u daar anders over denken dan kunnen we daar natuurlijk uitgebreid over filosoferen – Aristoteles zou niets liever willen…

Mieke Steenveld.

===============================================================

Note:

De Ethische Kring bestaat uit ruim 150 coaches, trainers, therapeuten en adviseurs. Zij hebben zich in 5 kringen verenigd en onderschrijven De Ethische Code. Deze code is op 2 oktober 2006 notarieel vastgelegd in de statuten van de vereniging. Wanneer u aanmerkingen op de kwaliteit heeft, is er een plek waar u met uw klachten of vragen terecht kunt.

Voor meer informatie: www.ethischekring.nl

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Spiegeltje, spiegeltje…

Het verhaal van een van mijn reizigers.

Spiegeltje, spiegeltje…

Een reis maken. Dat is niet altijd een gemakkelijke opgave en deze opdracht al helemaal niet. Tijdens een van mijn sessies krijg ik van Mieke de vraag: “Wie of wat zie je als je in de spiegel kijkt?” Mijn antwoorden zijn wisselend. Soms zie ik een andere persoon aan wie ik mijzelf spiegel. Vaak zie ik het beeld hoe ik mijzelf graag zou willen zien. Zelden kan ik als antwoord geven: mezelf.

“Mmm….” zegt Mieke: “In alle drie de gevallen kan ik dezelfde vraag nog eens stellen: als je in de spiegel kijkt, wie of wat zie je?” En geef daar dan maar eens woorden aan…

Als we er tijdens ons gesprek over door filosoferen lijkt het alsof het voor iedereen een moeilijke opgave is. Maar waarom dan? Is het omdat het sociaal gewenst is dat als we in de spiegel kijken dat we dan een vrolijk gezicht moeten zien? Dat we twinkels in de ogen moeten hebben en een stralende lach? Maar dat dit vaak nou net niet is hoe we ons voelen. Of zijn we te gehaast om bij onszelf stil te staan? Werk, kinderen, vrienden, familie, sport, hobby… geen tijd om onszelf in de ogen te kijken om te zien wie we zijn of om te zien of we nog zijn wie we (willen) zijn. We verliezen onze ‘zelven’ in de rollen die we door de dag op ons nemen en we verliezen onszelf in de/een ander.

“Ja-a,” zegt Mieke: “mooi al onze overdenkingen, en laten we nou nog eens de vraag stellen: kijk nou eens goed in de spiegel en wie zie je dan, WIE zie je dan?” Huiswerk!

Maar laat ik nu eerlijk zijn. Zie ik wel iemand als ik in de spiegel kijk? Loop ik mezelf niet af en toe gigantisch hard voorbij? Omdat ik die vage figuur aan de andere kant van deze bizarre uitvinding liever niet onder ogen kom? En waarvoor is die spiegel nu eigenlijk bedoeld? Om ons (in) mooier te maken dan we zijn? Om keihard met de waarheid geconfronteerd te worden (want mijn figuur of die verschrikkelijke wallen …), of om werkelijk als een spiegel van onze ziel naar binnen te kijken? Niet bang voor het verdriet, boosheid of de angst die we op dat moment ervaren? Verwarrend zo’n spiegel…

Mieke geeft zelf eerlijk toe dat als zij zelf in de spiegel kijkt ze hier zo nu en dan ook wel wat positieve prikkels bij kan gebruiken. Zij wordt bijvoorbeeld heel vrolijk van de spiegel van Goods design die vol met woorden staat als: Oh, wat ben je mooi. Wat ben je charmant, je ziet er oogverblindend uit, fantastisch! Je bent zo ontzettend aantrekkelijk, je bent zo mooi, ik vind je geweldig. Zo mooi, zo mooi, zo buitengewoon mooi… Ik word daar juist onrustig van. Ik heb stilte nodig om mijn gedachten vorm te geven, geen prikkels om me heen, en gebruik de spiegels aan de binnenkant van mijn ogen om naar mijn zielenroerselen te gaan.

En zo zullen er meer verschillen zijn in het ervaren van de spiegel. Maar één ding hebben we gemeen. Wie of wat we in die spiegel zien is verdomd lastig onder woorden te brengen. Maar zijn we het niet allemaal waard om te ontdekken wie we zijn? Huiswerk dus!

Jo-lan (WNF)

Voor wie ook een duwtje in de rug kan gebruiken:

http://www.steenkamerdesign.nl/industrieel/spiegel.html

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Hoe stellen wij ons op?

Setting: een groep directeuren van de Rijksoverheid twee dagen ‘op Zuid’, in Rotterdam; een jaarlijks terugkerend evenement waar de groep tien jaar geleden mee is gestart, nadat hun officiële leiderschaps-programma was afgerond.

Omdat het precies tien jaar geleden was dat de groep ‘voet op Zuid’ zette, wilden ze dit jaar graag terug. Klaar voor nieuwe ontmoetingen, en klaar voor de discussie hoe het nu verder moet in de nieuwe rolverdelingen waarbij het Rijk meer verantwoordelijkheden legt bij gemeente, maatschappelijke organisaties en de mensen in het land, de stad, buurt en wijken. Ik mag hier jaarlijks bij zijn want onder andere met mij is dit hele gezelschap tien jaar geleden aan hun ontdekkingstocht begonnen.

BUITENWERELD

In ons ochtendprogramma gingen we letterlijk en figuurlijk de buitenwereld in. De directeur van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid vertelde ons over de status en de ontwikkelingen, en daarna werden we mee genomen naar één van de  basisscholen in de wijk. Daar ontmoetten we de zeer bevlogen directeur. Hij raakte niet uitgesproken over ‘zijn’ bijzondere school, de  mooie resultaten tot nu toe, maar ook over de evenzovele uitdagingen die nog in het verschiet liggen. Een gedreven filosoof illustreerde dit vervolgens met een dynamische presentatie over zijn analyse hoe de leerlingen inderdaad beter gaan presteren als er naast de reguliere lessen ook op een andere manier in hen wordt geïnvesteerd, zoals met  judo, tuinieren, filosofie en kooklessen. Ook de participatie van ouders blijkt van grote waarde. De Rotterdamse wethouder, verantwoordelijk voor de portefeuilles arbeidsmarkt, hoger onderwijs, innovatie en participatie, gaf daarna haar bespiegelingen op alle veranderingen en beaamde dat er nog veel te doen en ook te winnen is.

Aan het einde van de ochtend werden we gastvrij onthaald bij een aantal bewoners thuis. Onder het genot van lekkere hapjes vertelden zij ons hun persoonlijke ervaringen over wonen, werken, leren en leven in hun wijk.

Zo zie je, een stad kunnen we in al onze zintuigen beleven als we er doorheen wandelen en her en der mensen spreken. De één doet dit meer visueel, de ander auditief en een derde via bepaalde lichaamssensaties. Zo is het ook met een organisatie of een andere (sociaal) systeem waar we deel van uitmaken. Dat doen we vaak onbewust, met een distantie en de (on)opmerkzaamheid van een passant.

BINNENWERELD

Toch gebeurt er dan ook wat op onbewust niveau, in onze binnenwereld. Sowieso roept een herhaling na tien jaar herinneringen op die we al hadden opgeslagen. En deze dag voegt daar weer een reeks nieuwe impressies aan toe. Er is dus meer dan alleen de observatie. Opgeslagen ervaringen en herinneringen uit het verleden en de eigen invulling van de werkelijkheid maken hoe je het moment nu beleeft. Dat is eigenlijk wat er altijd gebeurt en dat gold die dag zeker voor ons.

Maar ja, ga dan de uitdaging maar aan om al deze bewuste en onbewuste herinneringen, verschillende waarheden en nieuwe indrukken te verwerken in een integraal begrip van de situatie en binnen een toch wel korte tijd. Toch hebben we het geprobeerd. We hebben ‘opstellingenwerk’ ingezet als een manier om de ervaringen van de ochtend te doorvoelen met als doel mogelijk nieuwe oplossingsrichtingen te vinden voor de thema’s  die we in de ochtend aangereikt hebben gekregen. Met een ingebrachte vraag, en onder begeleiding, werden de deelnemers als een soort schaakstukken op een speelbord in de ruimte neergezet. Zo werden de onderlinge verhoudingen zichtbaar en werd het steeds duidelijker waar het eigenlijk wringt. We kwamen daarmee voorbij aan de discussie en voorbij aan de persoonlijke meningen. Dat zijn terreinen waarop je het ergens altijd oneens blijft met elkaar. Nu deelden we een 3D beeld, en daar deed ieder z’n eigen inzichten aan op. En dat was spannend, leuk en leerzaam. Tot concrete plannen zijn we nog niet gekomen maar we zagen wel flarden van mogelijk oplossingsrichtingen. In de Rotterdamse metro op weg naar huis werd nog levendig doorgepuzzeld op deze ervaring…

MEER INFORMATIE

Voor als je meer wilt weten over hoe een opstelling in zijn werk gaat verwijs ik je graag door naar Bureau VanWaar. Als medeorganisator van deze dagen had ik hen gevraagd het middagprogramma middels een maatschappelijke opstelling voor ons te verzorgen: www.ikenjijopstellingen.nl/vanwaar

Zelf volg ik bij een van hen een training “tafelopstellingen”. In plaats van menselijke representanten worden dan voorwerpen en poppetjes gebruikt om naar een situatie te kijken – naar ons gepuzzel in de metro bijvoorbeeld.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen